Galerie Fortlaan 17 - Gent

Facebook Twitter
°1960

Eva Schlegel

The return of the image snatchers

Eva Schlegel en de Kunst van het Verdwijnen

De vensters van het belangrijkste postkantoor in München lichtten allemaal op. In het diffuse licht kon je de schaduwen zien van een feestende groep mensen verwikkeld in geanimeerde gesprekken. Je kon hen cocktails zien drinken en zien lachen. Ook in de bouwcontainers aan de andere kant van het plein was er een menigte van mensen aan het feesten. Twee jonge vrouwen uit München die de trappen naar het eerste containerniveau opliepen om zich in het feestgedruis te storten, waren teleurgesteld. Aan de binnenkant was er geen spoor van een feest, slechts een paar bouwarbeiders zaten er bier te drinken. Het scenario werd gecreëerd als een onderdeel van een ‘kunst in openbare ruimte’- project. Eva Schlegel projecteerde videobeelden op de vensters die bekleed waren met transparante plastic. Het werk, dat 'After Dark' getiteld was, introduceerde een nieuwe reeks in een oeuvre dat zich bevindt in het grensgebied tussen afbeelding, sculptuur en ruimte en dat zich niet gemakkelijk laat definiëren. Voor een kunstenares die zich tot dan toe had geconcentreerd op het vatten en het bevriezen van motieven, leken de pas veroverde bewegende beelden extra vluchtig. Het was alsof het trommelvlies van iemand werd vernietigd door een slag van de vuist. Dit zijn werken die slechts tot het leven komen van zodra de nacht valt. Deze werken integreren zich in de stad waarbinnen ze worden geplaatst en ze ontlenen het urbane gevoel aan een dialoog tussen de architectuur en een sociaal spel.

De kunstenares’ verovering van een voor haar nieuw medium werd teweeg gebracht door een speciale levenssituatie: sinds 1997 geeft Eva Schlegel les aan de Academie voor Schone Kunsten te Wenen. Samen met haar collega's Franz Graf, Renée Green, Peter Kogler, Hubert Schmalix en Sue Williams die tegelijkertijd aangesteld werden als professoren, is Schlegel begonnen met het verankeren van de diversiteit aan media binnen de hedendaagse kunstproductie, cross-genreprojecten en transformaties in het leerplan van de kunstopleiding. De nieuwe openheid en de nieuwsgierigheid stimuleerde de opleiding van de jonge kunstenaars, maar dit had eveneens een boomerang-effect op de output van hun leraren. Volgens Eva Schlegel, reactiveerde het werken met haar studenten haar interesse in video en film.

In 1985, stelde Schlegel een veel bejubeld diplomaproject voor waarin zij een filmprojectie op een roterende ventilator voorstelde. Vooral voor het werk in openbare ruimte, een gebied dat de kunstenares meesterlijk beheerst, stonden de nieuwe media de kunstenares toe om de grenzen van ruimte en tijd niet alleen uit te breiden maar ook om nieuwe mogelijkheden te onderzoeken met betrekking tot de interactie met een gebouw. Voor de openingstentoonstelling in de Landesgalerie im Taxipalais Innsbruck stelde de Tiroolse kunstenares onlangs een tweede voorbeeld van een bewegende projectie voor. Van valavond tot ochtendstond wordt een lange shot van een matras geprojecteerd op een betonnen muur op de binnenplaats van de Galerie - een muur die de architect Hanno Schlögl oprichtte om naar de onderliggende tentoonstellingsruimte te verwijzen. Zeer langzaam begint het beeld te oscilleren en te pulseren als een hartslag. De zachte, nauwelijks merkbare beweging ondermijnt de functie van het architecturale element en vestigt gelijktijdig een moeilijk te ontcijferen enigma van een massieve schijf die rustig in de wind fladdert. Eva Schlegel is ook altijd geïnteresseerd geweest in het mobiliseren van het potentieel van de toeschouwer met betrekking tot associaties. In het bijzonder in haar werken die een vage, gefotografeerde tekst tonen. Deze werken, die ze begon te maken in 1993, behandelen de structuur van de waarneming. Wat maakt een tekst herkenbaar als dusdanig, zelfs wanneer de tekst van zijn primaire informatie is bevrijd? Merleau-Ponty’s fenomenologisch concept van waarneming tussen kennis en ervaring, met betrekking tot taal en "lichaamsbewustzijn", was één van de beslissende motieven voor die werken waarin ze ook de ruimte-bepalende mogelijkheden heeft onderzocht. De pure picturale informatie zorgt voor het tot zwijgen brengen van de tekst. De afbeelding van de tekst gezeefdrukt op grote glasplaten kan diverse configuraties aannemen. Net als bladzijden uit een boek kunnen ze aanleunen of gestapeld worden tegen een muur, zoals tijdens de eerste voorstelling van het werk in Galerie Krinzinger in 1993 of later op de vensters zoals bij Shoshana Wayne in Los Angeles, waar het tekstuele werk als een membraan functioneerde tussen binnen en buiten. Of het werk kan geplaatst worden in een stad, zoals tijdens ‘Prospect 9T’ in het Frankfurter Kunstverein of tegen de achtergrond van een landschap zoals in Schloss Salzau in Kiel in 1995. Deze werken bestaan ook als lichtgevende muur in de trappenhal van een school in Wenen, als een ruimte binnenin een ruimte in een bank in Innsbruck of als het gevelontwerp voor een brandweerstation in Probstdorf, Niederösterreich. De glasplaten kunnen ook getransformeerd worden in architectuur, zoals voor het ‘wolkenpaviljoen’, een annex voor een stadsvilla in Wenen waar de bewoners de luchtige glazen ruimte gebruiken als woonkamer.

Schlegel ziet het breken met woordsemantiek en inhoud als iets bevrijdend. De tekst als structuur en als schema, langs de op perceptie gebaseerde grenzen van het beeld. In plaats van een duidelijk gecodeerde beeldtekst zoals logos, diagrammen of computer iconen, worden wij geconfronteerd met uitdrukkelijk naamloze tekstbeelden waarvan de onleesbaarheid belangrijk is voor de betekenis van het werk,. Aldus wordt de bedoeling van de kunstenares duidelijk, ze behandelt namelijk de vraag hoe het zichtbare en hoe de waarneming kan worden gedecodeerd, hoeveel ruimte interpretaties kunnen bevatten en welke associaties door afbeeldingen kunnen worden teweeggebracht. Uit de recente kunstgeschiedenis kan men, als voorbeeld, Marcel Broodthaers aanhalen, die in 1969 sommige verzen van Mallarmé’s ‘Un coup de dés jamais n'abolira le hasard’ doorhaalde met zwarte lijnen die de tekst onleesbaar maakten en de tekst herleidden tot een kalligrafisch patroon. De tekst werd gedrukt op papier. Als de pagina’s werden omgedraaid, ontstonden nieuwe overlappingen - een element dat ook naar voor komt in Schlegel’s installaties met grote glasplaten. De kunstenares zelf zegt dat de toeschouwer zichzelf binnenin het boek terugvindt.

De 46ste Biennale de Venezia in 1995 ging om met ruimte als een universeel ding en met mentale ruimte. Het Oostenrijkse paviljoen bevond zich tussen architectuur en mediakunst en trad opnieuw op de voorgrond na jarenlange marginalisatie. Deze andere identiteit van internationale kunst moest worden omgezet in een ‘Gesamtkunstwerk’ met interdisciplinaire interactie. De architecturale interventie van Coop Himmelb(l)au, in samenwerking met Eva Schlegel, beoogde niets minder dan de perforatie van Josef Hoffmann Paviljoen en zijn klassiek conservatieve esthetica. Schegel trok een façade in glas op aan de voorzijde van het gebouw, voor het architecturale manifest van Austrofascisme. Ze bracht haar onleesbare teksten aan op deze glazen façade aan. In haar commentaar op deze interventie, verklaarde zij, "ik was geïnteresseerd in de confrontatie van de realiteit van een beschrijvende, analytische tekst met de werkelijkheid en in de samenvoeging van beiden als voorbeeld. Dit is ook een kritiek op de prefascistische architectuur en het gebruik van filters, een ruimtelijke en tijdelijke netwerk tussen een oude en een nieuwe substantie, tussen binnen en buiten." Coop Himmelb(l)au en Eva Schlegel bundelden nogmaals hun mogelijkheden als architect en kunstenares in de architecturale wedstrijd voor de constructie van de nationale bibliotheek in Tokyo. De architecten planden een conglomeraat van ' brain blocks' waar in het midden de lezerszaal werd opgehangen. Eva Schlegel ontwierp een glasplafond vol met Japanse teksten voor de intelligente opslagplaats van manuscripten. De zon zou de schaduwen van de brieven over de lezers en de boeken verspreid hebben en de typografische schema’s zouden, afhankelijk van het weer, min of meer duidelijk herkenbaar geweest zijn. Polariteiten, het verschijnen en het verdwijnen, de transparantie en de materialiteit, het beeld en het voorwerp, de abstractie en de werkelijkheid zijn de thema’s die regelmatig terugkeren in het werk van Eva Schlegel. Zelfs de vibrerende kleurenvlakken van haar vroege pigmentschilderijen, de grafiet en de gelakte werken met subtiel gemoduleerde oppervlakken doen ons een soort van lichamelijkheid onder de huid van de picturale membranen aannemen. Deze membranen kunnen zacht als fluweel zijn, maar ze kunnen ook sporen van afgeschraapte verf vertonen. Rond 1987/88 gaat het werken met grafiet over in werken op lood, die een gelijkaardige oppervlaktestructuur vertonen. Een briljante toevalsontdekking gaf haar werk een nieuwe richting en initieerde een nieuw spel en een uitbreiding van het gebied waarin de kunstenares werkt. Eva Schlegel werkte op dat ogenblik in een inzamelingscentrum voor gevaarlijk afval. Daar werden de oude fotonegatieven gedeponeerd om hun zilvergehalte te recupereren. Er waren al die snapshots, bergtoppen en fietsers, bomen en zwanen, bruggen, vliegtuigen en het roeibootjes in het water. Een bewaarplaats voor collectieve dagelijkse cultuur, een picturaal reservoir van het alledaagse leven. Trofeeën van banaliteit voor de gemiddelde vrouw. Maar het belangrijkste was de verzameling van foto’s van privé-pornografie uit de jaren '20, foto’s die genomen waren in een bourgeois setting, met triviale fantasieën. Aangezien het negatieven betrof, verscheen de realiteit in het tegenlicht van de heldere flits, die motief snel waarneembaar maakt alvorens het voor eens en voor altijd verdwijnt. Eva Schlegel bracht deze ‘photos trouvées’ over op lood of op glas volgens een zeefdrukmethode. Volgens de kunstenares, zou het motief slechts op tweede gezicht moeten worden herkend en aangezien ze zwart op lood en wit op glas afdrukte, werden de achtergrond en het motief vaag en zonder contrast, wat leidt tot mogelijke associaties en tot atmosferische, emotioneel geladen beelden om de perceptie te testen. Voor een recentere reeks werken die ze creëerde, de zogenaamde ' keuken porno ', gebaseerd op postkaarten die scènes van Weense bordelen uit de jaren '60 afbeelden, fotokopieerde ze de beelden met trichloroethyleen op een kalk ondergrond en overschilderde ze het resultaat met meer dan 20 lagen transparante vernis. Door de toevoeging van olieverf kwamen kleurvlakken in hoogglans te voorschijn die nat leken te zijn en door deze sensuele aanwezigheid uitnodigend om aangeraakt te worden. De pornografie wordt over het algemeen begrepen als een universele categorie voor het benoemen van de mannelijke starende blik en het patriarchale mechanisme van onderdrukking. Eva Schlegel slaagt erin om de noodzakelijke ironische afstand te vinden tegenover het triviale stimulerende materiaal voor de elegante man die zich overigens in de foto’s camoufleert met pruik en snor. Door het recycleren, het omzetten en het vervreemden van de beelden creëert ze ook het artistieke kader voor de daadwerkelijke boodschap: het gebruik van clichés om deze in een oceaan van verf onder te dompelen. De pornoraadsels die bij Edition Artelier verschenen zijn het bewijs dat er ook tijdgenoten zijn die noch tijd noch moeite sparen om zich in deze veelbelovende val te laten lokken. De ‘meester in het verdwijnen’ heeft het onderwerp van het verschijnen gethematiseerd: 432 stukken, geen voorbeeld, enkel de hoop om de erotische kick te vinden. Echte fanatici, die in een groep van drie samenwerkten, hebben twee en een halve dag nodig gehad om de puzzel opnieuw samen te stellen. En trouwens, er stond effectief porno op de puzzel. De kunstenares is op dit moment geïnteresseerd in wolkenlandschappen en in plaats van met gevonden materiaal, werkt ze nu met materiaal dat ze zelf heeft gefotografeerd. Ze draagt altijd een kleinbeeldcamera bij zich en wanneer er zich een interessante wolkenformatie voordoet, houdt Eva Schlegel de camera buiten de rijdende auto en drukt op de knop. De snel gemaakte foto’s zijn de voorontwerpen voor zorgvuldig geconstrueerde beelden. Segmenten van deze beelden worden gefotokopieerd, uitvergroot en blad voor blad overgebracht op gesso en dan bedekt met lagen van reflecterende vernis. Het koloriet van de beeldobjecten is het resultaat van verf die vermengd wordt met vernis die gebruikt wordt om de zwart-wit foto’s te fixeren onder een oppervlakte die nat en glanzend is en die zich op die manier leent om de omgeving te reflecteren. Met alleenstaande beelden of als diptieken, streeft Schlegel naar een schilderkunst na de mediatisering van de wereld, zonder een penseel aan te raken. Schlegel maakt nieuwe spelregels en ze manipuleert de realiteit tijdens haar excursies doorheen de beelddragers van de werkelijkheid, tot op het moment dat deze nog slechts een surrogaat van zichzelf is. Een soort 'Return of the Image Snatchers' dat een paradigma geworden is voor het schilderij.


Eva Schlegel and the Art of Disappearence

The windows of the main post office in Munich were all lit up. In the diffuse light you could see the shadows of a party crowd engrossed in animated conversations. You could see them drinking their cocktails and laughing. Even in the building containers on the other side of the square there were mobs of people partying. The two young Munich women who were running up the steps to the first container level to join the fray were disappointed. On the inside there was no trace of a party, only a few construction workers sitting there, drinking their beer. The scenario was created as part of an art in public space project. Eva Schlegel had projected video images onto windows covered with transparent plastic sheet. The piece, which was titled 'After Dark', introduced a new series to an oeuvre that could never really be pinned down in the realm between image, sculpture and space. For an artist who until now had focused on capturing and freezing motifs the newly conquered moving images seemed doubly volatile. It was if someone's eardrum were being punctured by a blow of the fist.

These are works that only come to life once night falls. They integrate themselves in the cities they are set in and draw their urban feeling from a dialogue between architecture and a social game. The artist's conquest of the new medium was triggered off by a special life situation: since 1997 Eva Schlegel has been teaching at the Academy of Fine Arts in Vienna. Along with her colleagues Franz Graf, Renée Green, Peter Kogler, Hubert Schmalix and Sue Williams who had been appointed as professors at the same time she was, Schlegel has set about anchoring the medial diversity of current art production, cross-genre projects and transformations in the curriculum of art training. The new openness and curiosity spurred the training of the young artists, but also had a boomerang effect on the output of their teachers. According to Eva Schlegel, the work with her students reactivated her interest in video and film. In 1985, Schlegel presented a much-acclaimed diploma project in which she presented a film projection on a rotating ventilator. Especially for work in public space, an area that the artist has mastered exquisitely, the new media allowed the artist to not just extend the boundaries of space and time but to also explore new possibilities for interacting with a building. For the opening exhibition at the Landesgalerie im Taxipalais Innsbruck the Tyrolean artist recently presented a second example of a moving projection. From the onset of dusk to the early hours of the morning the large shot of a mattress is projected onto a concrete wall in the inner courtyard of the Galerie - a wall that the architect Hanno Schlögl erected to refer to the exhibition space lying below it. Very slowly the image begins to oscillate and pulsate like a heart beat. The gentle, hardly noticeable movement undermines the function of the architectural element and simultaneously establishes the indecipherable enigma of a massive disk that quietly flutters in the wind. Eva Schlegel has also always been fond of mobilizing the onlooker 's potential for associations. In particular her works depicting a blurred photographed text which she began doing in 1993 deal with the structure of perception. What makes a text recognizable as such, even when it has been freed of its primary information? Merleau-Ponty's phenomenological concept of perception between knowledge and experience, linked to language and "body awareness", was one of the decisive motives for those works in which she has also been exploring space-defining possibilities. Pure pictorial information rehearses the silencing of text. Its representation on silk-screened, large sheets of glass can assume various configurations. As pages of a book it can be leaned or stacked against the wall, as in the inauguration of the work at the Galerie Krinzinger in 1993 and later against windows as at Soshana Wayne in Los Angeles, serving as a membrane between inside and outside. Or it can be placed in front of a city, as at the 'Prospect 9T' at the Frankfurter Kunstverein or against the backdrop of a landscape as at Schloß Salzau in Kiel in 1995. They can also appear as a luminous wall in the staircase of a Vienna school, as a space within a space of a bank in Innsbruck or as façade design at the fire station in Probstdorf, Lower Austria. These pieces can also become transformed into architecture, like the 'cloud pavilion', an annex for a city villa in Vienna where the people living there use the airy glass house as a living room. Schlegel sees her break with word semantics and contents as something liberating. The text as both structure and scheme, along the perceptual boundaries to the image. Instead of clearly coded image texts such as logos, diagrams or computer icons we are confronted with explicitly nameless text images whose illegibility account for the meaning of the piece. Thus the artist's intention becomes clear, namely to deal with the question how the visible, how perception can be decoded, how much space interpretations occupy and what associations are triggered by imagery. From more recent art history, one could, for instance, cite Marcel Broodthaers who in 1969 covered over some verses from Mallarmé's 'Un coup de dés jamais n'abolira le hazard' with black lines, making them illegible and presenting the text as a calligraphic pattern. The text was printed on paper. When the pages were turned, new overlappings emerged – a consequence that can also be noted in Schlegel's large-format glass-screen installations. The artist herself has commented that the onlooker finds him/herself within the book.

The 46th Biennale de Venezia in 1995 addressed space as something universal and with mental space. The Austrian pavilion stood under the sway of architecture and media art which came to the fore once again after being marginalized for years. This other identity of international art was to become transmogrified into a gesamtkunstwerk through interdisciplinary interplay. The architectural intervention of Coop Himmelb(l)au, in collaboration with Eva Schlegel, aimed at nothing less than the perforation of the Josef Hoffmann Pavilion and its classic-conservative aesthetics. Schegel mounted a glass façade that slanted down to the front of the building, in front of the architectural manifesto of Austrofascism. She mounted her blurred texts on this glass façade. Commenting on this intervention, she stated, "I was interested in the confrontation of the reality of a descriptive, analytic text with reality and in the conflation of both in an exemplary way. This is also a critique of pre-fascist architecture and the mounting of filters, a spatial and temporal networking between old and new substance, inside and outside." Coop Himmelb(l)au and Eva Schlegel once again joined forces as architects and artist in an architectural competition for designing the national library in Tokyo. The architects planned a conglomeration of 'brain blocks' in the middle of which the reading hall was suspended. Eva Schlegel had designed a glass ceiling replete with Japanese texts for the intelligent storehouse of manuscripts. The sun would have scattered the shadows of the letters over the readers and the books and typographic schemes would have been more or less clearly recognizable, depending on the weather. Polarities, appearance and disappearance, transparency and materiality, picture and object, abstraction and reality are Eva Schlegel's themes that are recurrent throughout all her work. Even the vibrant color spaces of the early pigment paintings, the graphite and lacquer pieces with their subtly modulated surfaces allowed one to assume a sort of corporeality below the pictorial membranes. These membranes could be velvety smooth but they could also reveal the traces of scraping. Around 1987/88 the graphite works yielded to pieces on lead that showed a similar surface texture. Then there was one of those brilliant chance discoveries that gave her work a new direction, initiating a new game and expanding the field. At that time Eva Schlegel was working in a collection center for harzardous waste. There old photo negatives were deposited to try to recover their low silver content. There were all these snapshots, mountain peaks and cyclists, trees and swans, bridges, airplanes and rowing boats in the water. A repository of collective everyday culture, a pictorial reservoir of everyday life. Trophies of banality for the average woman. But most importantly ,there was collection of private pornographic images from the twenties, pictures that had been taken in bourgeois settings, trivial Philistine fantasies revisited. Since they were negatives, reality seemed to be steeped in the contre jour of bright flashes, quickly illuminating a motif before it vanished once and for all. Eva Schlegel transferred these photos trouvées onto lead or glass using a silkscreen method. According to the artist, the motif should only be recognized on second sight, and since she printed black on lead and white on glass, background and motif became blurred in a non-contrast field for possible associations, as atmospheric, emotionally highly charged test images of perception. For a series that she created later, so-called 'kitchen porn', based on postcards depicting scenes from Viennese brothels of the sixties, she rubbed the xeroxed pictures using trichloroethylene on a chalk ground and painted up to 20 layers of transparent varnish over them. As a result of the added oil paint, high-gloss color spaces emerged that seemed to be dripping wet and whose sensual presence literally invited one to touch them. Pornography is generally understood as a universal category for naming the male gaze and the patriarchal mechanism of suppression. Eva Schlegel succeeds in finding the necessary ironical distance vis-à-vis the trivial stimulating material for the elegant gent who, incidentally, camouflages himself in the photographs with wigs and mustaches. And through recycling, transforming and alienating the images she also creates the artistic framework for the actual message: the instrumentalization of clichés only to let them sink in an ocean of paint. The porno puzzles that appeared in the Edition Artelier are proof that there are also contemporaries who neither shy the time nor the effort to let themselves be lured into the promising traps. The master of disappearance has addressed the issue of appearance: 432 pieces, no model, just the hope of finding the erotic kick. Truly fanatic persons, working together in a group of three, have been claimed to have put together the puzzle in two and a half days. And, one might add in passing, there was actually a porno on it. At the moment the artist is interested in cloud landscapes, and instead of found footage she now works with material she has photographed herself. She always carries a small-image camera with her and whenever an interesting cloud formation becomes visible, Eva Schlegel holds the camera out of the car and presses the trigger. Thequickly made photographs are the fax models for carefully constructed images. Segments of them are photographed, enlarged and transferred, sheet for sheet, onto gesso and then covered with layers of reflecting layers of varnish. The color of the picture objects results from the paint mixed with the varnish that is used to seal the black-and-white photographs under a surface that is both wet and shiny and thus serves to reflect the surroundings. Formatting them as single images or as diptychs, Schlegel tries to create new rules of the game and manipulates reality on her jaunts through various surfaces until it is only surrogate of itself. A sort of 'return of the image snatchers' that has become exemplary of the easel painting.

Brigitte Huck

Les fenêtres du bureau principal de la Poste de Munich étaient toutes allumées. Dans la lumière diffuse, on apercevait les ombres d'une foule d'invités absorbés dans des conversations animées. On pouvait les voir boire leur cocktail et rire. Même sur les conteneurs de construction de l'autre côté de la route se trouvaient des groupes de personnes faisant la fête. Les deux jeunes munichoises qui montaient les marches en courant pour entrer dans la lice furent désappointées. A l'intérieur, il n'y avait aucune trace de fête, seulement quelques ouvriers du bâtiment assis en train de boire une bière.

Le scénario a été créé comme partie d'un projet d'art-dans-un-espace-public. Eva Schlegel a projeté des images vidéo sur des fenêtres couvertes de film plastique transparent. La pièce, intitulée 'After Dark', introduisait une nouvelle série dans une oeuvre impossible à classer dans un seul domaine entre image, sculpture et espace. Pour une artiste qui avait jusqu'à maintenant porté son attention sur la captation et la fixation d'images, les images animées nouvellement conquises semblaient doublement volatiles. C'était comme si le tympan d'une personne était crevé par un coup de poing.

Ces œuvres ne prennent vie qu'à la tombée de la nuit. Elles s'intègrent elles-mêmes dans la ville dans lesquelles elles se trouvent et développent leur sensation urbaine à partir d'un dialogue entre architecture et jeu social. La conquête par l'artiste d'un nouveau médium a été déclenchée par une situation spéciale dans sa vie : depuis 1997, Eva Schlegel enseigne à l'académie des Beaux-arts de Vienne. Ensemble avec ses collèges Franz Graf, Renée Green, Peter Kogler, Hubert Schmalix et Sue Williams qui ont été nommés professeur en même temps, Eva Schlegel a ancré dans le cursus de cette formation artistique la diversité médiatique de la production artistique actuelle, les projets transdisciplinaires et les transformations. Cette nouvelle ouverture et la curiosité ont aiguillonné la formation des étudiants mais ont eu aussi un effet boomerang sur la production de leurs professeurs. Selon Eva Schlegel, le travail avec les étudiants a réactivé son intérêt pour la vidéo et le film. En 1985, Eva Schlegel avait présenté son travail de fin d'études très acclamé dans lequel un film était projeté sur un ventilateur en rotation. Tout spécialement dans les œuvres dans les espaces publics, un domaine que l'artiste maîtrise de manière exquise, les nouveaux media permettent à l'artiste d'étendre les limites de l'espace et du temps mais aussi d'explorer les nouvelles possibilités d'interaction avec un bâtiment.

Pour l'ouverture de la nouvelle exposition à la Landesgalerie im Taxipalais à Innsbruck, l'artiste tyrolienne a présenté récemment un second exemple de projection en mouvement. Depuis le crépuscule jusqu'aux premières lueurs de l'aube, un matelas est projeté, en grand angle, sur un mur en béton situé dans la cour intérieure de la galerie - un mur que l'architecte Hanno Schlögl a érigé en référence à l'espace d'exposition situé en-dessous. Très lentement l'image commence à osciller et pulser comme un battement de cœur. Le mouvement très doux et difficilement identifiable ébranle la fonction de l'élément architectural et établit simultanément une énigme indéchiffrable d'un disque-mémoire massif qui palpite sereinement dans le vent. Eva Schlegel a toujours aimé mobiliser le potentiel des spectateurs pour les associations. En particulier, les oeuvres qu'elle a commencées en 1993 représentant un texte photographié flou, traitent de la structure de la perception. Qu'est-ce qui rend un texte reconnaissable en tant que tel, même lorsqu'il est libéré de son information primaire ? Le concept phénoménologique de la perception de Merleau-Ponty entre connaissance et expérience, lié au langage et à la conscience corporelle, était une des motivations décisives de ces travaux dans lesquels les possibilités de définition de l'espace se trouvaient aussi explorées. L'information purement picturale renforce la mise au silence du texte. Sa représentation sur de grandes plaques de verre sérigraphiées peuvent adopter diverses configurations. A l'instar des pages d'un livre, elles peuvent reposer ou être empilées contre un mur, comme lors de l'inauguration de l'oeuvre dans la galerie Krinzinger en 1993 et plus tard contre des vitrines au Soshana Wyane à Los Angeles, en servant de membranes entre l'intérieur et l'extérieur. Ou elles peuvent être placées devant une ville, comme pour le 'Prospect 91' au Frankfurter Kunstverein ou contre la toile de fond d'un paysage au Schloss Salzau à Kiel en 1995. Elle peuvent aussi apparaître comme un mur lumineux dans la cage d'escalier d'une école viennoise, comme un espace dans un espace d'une banque d'Innsbruck ou comme un design de façade d'une caserne de pompiers à Probstdorf, en Nieder Osterreich. Ces pièces peuvent aussi être transformées en architecture, et devenir le ' pavillon nuage', une annexe d'une villa urbaine à Vienne où les habitants utilisent la maison de verre aérienne comme salle de séjour.

Eva Schlegel voit sa rupture avec le sens et la sémantique des mots comme un acte libérateur. Le texte, comme structure et procédé, le long des frontières perceptuelles de l'image. En place de textes-images clairement codifiés comme des logos, diagrammes et icones d'ordinateur, nous sommes confrontés avec des images-textes explicitement innomées dont l'illisibilité contribue à la signification de l'oeuvre. Ainsi l'intention de l'artiste devient claire et traite nommément de la question du visible, comment la perception peut être décodée, combien de place les interprétations prennent-elles et quelles sont les associations qui sont déclenchées par l'imaginaire. Dans l'histoire de l'art récente, il est possible de citer Marcel Broodthaers par exemple. En 1969, il a biffé des vers de Mallarmé de "Un coup de dés n'abolira jamais le hasard" avec des lignes noires, les rendant illisibles et présentant le texte final comme un dessin calligraphique. Le texte fut imprimé sur du papier. Lorsque les pages sont tournées, de nouveaux enchaînements apparaissent - une conséquence qui peuvent aussi être remarquées dans les installations grand format de plaques de verres d'Eva Schlegel. L'artiste elle-même remarque que le spectateur se trouve lui-même au sein du livre.

La 46ème Biennale de Venise avait pris comme thème l'espace universel et sa dimension mentale. Le pavillon autrichien fut mis sous l'emprise de l'architecture et des media, remis alors en avant après avoir été marginalisés pendant des années. Cette autre identité de l'art national allait être métamorphosée en gesamtkunstwerk par l'interaction interdisciplinaire. L'intervention architecturale du Coop Himmelb(l)au, en collaboration avec Eva Schlegel, ne voulait rien de moins, que la perforation du pavillon Josef Hoffmann et de son esthétique classique conservatrice. Eva Schlegel monta une façade de verre qui passait en oblique sur le devant du bâtiment, devant le manifeste architectural du fascisme autrichien. Elle inscrivit ses textes flous sur cette façade de verre. En commentant cette intervention, elle affirma : " J'étais intéressée par la confrontation de la réalité d'un texte descriptif et analytique avec la réalité et dans l'assemblage des deux d'une manière exemplaire. Il s'agit aussi d'une critique de l'architecture pré-fasciste et de la mise en place de filtres, une mise en réseau spatiale et temporelle entre vieille et nouvelle substance, intérieur et extérieur. "

Coop Himmelb(l)au et Eva Schlegel ont à nouveau joint leur force en tant qu'architectes et artiste lors du concours international pour l'aménagement intérieur de la bibliothèque nationale à Tokyo. Les architectes ont proposé un conglomérat de " brain blocks " au milieu, auquel un hall de lecture se trouvait suspendu. Eva Schlegel a conçu un plafond de verre recouvert de textes japonais destiné à un astucieux espace de conservation des manuscrits. Le soleil aurait disséminé l'ombre des lettres sur les lecteurs et les livres, et en fonction du temps, les procédés typographiques auraient été plus ou moins reconnaissables,. Polarités, apparition et disparition, transparence et matérialité, image et objet, abstraction et réalité sont des thèmes récurrents dans l'oeuvre d'Eva Schlegel. Même les espaces de couleurs vives des premières peintures pigmentées, les oeuvres graphites et laquées avec les surfaces très subtilement modulées nous autorisent à considérer une sorte de corporaïté en-dessous des membranes picturales. Ces membranes pourraient être douces comme du velours mais révèlent aussi des traces de d'écorchures.

Autour de 1987-88, les oeuvres à la mine de plomb devinrent des oeuvres sur plomb montrant une texture de surface similaire. Arriva ensuite une de ces brillantes découvertes par chance qui impulsa à son travail une nouvelle direction, initiant un nouveau jeu et en étendant le champ. A cette époque, Eva Schlegel travaillait dans un centre de collecte pour déchets dangereux. De vieux négatifs photographiques y étaient déposés pour tenter d'en récupérer l'argent. Ce n'était que des instantanés, des sommets de montagne et des cyclistes, des arbres et des cygnes, ponts, avions et barques dans l'eau. Un entrepôt d'une culture collective ordinaire, un réservoir pictural de vie de tous les jours. Trophées de la banalité pour la femme moyenne. Mais, plus important, s'y trouvait une collection de photos pornographiques privées des années 20, images prises dans des décors bourgeois, fantasmes philistins triviaux revisités. Comme il s'agissait de négatifs, la réalité semblait macérer dans le contre-jour des flashs éblouissants, illuminant rapidement le sujet avant qu'il ne disparaisse une fois pour toute. Eva Schlegel a transféré ces photos trouvées sur du plomb ou du verre par méthode sérigraphique. Pour l'artiste, le sujet ne devait être identifiable qu'à deuxième vue, et comme elle imprimait en noir sur le plomb et en blanc sur le verre, le fond et le sujet s'estompèrent dans un champ de non-contraste pour des associations possibles, telles des images atmosphériques, hautement chargées émotionellement, tests de perception. Dans une série qu'elle a créé plus tard, intitulée "kitchen porn", à partir de cartes postales représentant des scènes de bordels viennois des années 60, elle a gommé les images photocopiées en utilisant du trichloréthylène sur une surface calcaire et les a recouvertes de plus de 20 couches de vernis transparent. Au final, avec l'adjonction de peinture à l'huile, des espaces colorés très brillants semblant dégouliner, émergèrent ; cette présence sensuelle invitait littéralement à être touchée. La pornographie est généralement comprise comme une catégorie universelle référant au regard masculin et au mécanisme patriarcal de répression. Eva Schlegel parvient à trouver une distance ironique nécessaire vis-à-vis du matériel trivial de stimulation pour l'élégante gent, qui , incidemment, se camoufle dans les photographies avec perruques et moustaches. Et à travers le recyclage, la transformation et l'aliénation des images, elle crée ainsi un cadre artistique pour le message actuel : l'instrumentalisation des clichés seulement pour les noyer dans un océan de peinture. Les puzzles pornographiques qui apparaissent dans l'édition Artelier sont les preuves que certains contemporains ne répugnent ni au temps ni à l'effort pour se laisser séduire par des pièges remplis de promesses. Le maître de la disparition s'adresse à la problématique de l'apparition : 432 pièces, pas de modèle, juste l'espoir de trouver le coup de fouet érotique. Des personnes vraiment enthousiastes, travaillant ensemble en groupe de trois, ont proclamé avoir assemblé le puzzle en deux jours et demi. Et, on peut ajouter en passant, qu'il y avait vraiment une image pornographique dessus.

Actuellement, l'artiste est intéressée par les paysages nuageux, et au lieu de séquences trouvées, elle travaille à présent avec du matériel qu'elle a elle-même photographié. Elle promène toujours avec elle un petit appareil photo et dès qu'une formation nuageuse devient intéressante, elle sort l'appareil hors de la voiture et appuie sur le déclencheur. Les photographies rapidement prises sont les modèles fac-similé d'images très soigneusement construites. Certains segments sont photographiés, élargis et transférés, page par page, sur de l'enduit au plâtre, puis recouvert de couches de vernis réfléchissant. La couleur des objets représentés résulte du mélange de la peinture avec le vernis qui est utilisé pour sceller les photographies noir & blanc sous une surface qui est tout à la fois humide et brillante et permet ainsi de réfléchir l'environnement. En les formatant comme des images uniques ou comme diptyques, Eva Schlegel tente de créer de nouvelle règles du jeu dans son parcours et de manipuler la réalité par des surfaces diverses jusqu'à ce qu'elle se substitue à elle-même. Une sorte de " Return of the image snatchers" qui est devenu exemplaire de la peinture. Brigitte Huck

(traduction M. Cosserat)