Peter Greenaway
Context
Peter Greenaway (° 1942 Newport, Groot-Brittannië) is voornamelijk gerenommeerd als cineast, minder bekend maar zeker niet minder interessant is zijn creativiteit als plastisch kunstenaar. Hij begon zijn carrière als beeldend kunstenaar. Het plastisch oeuvre dat hij tot nog toe realiseerde is bescheiden in omvang en hij streeft er ook niet naar om het al te veel tentoon te stellen.
Greenaway begon zijn samenwerking met Galerie Fortlaan 17 in september 1996 toen zijn film "The Pillow Book", een film over kalligrafie gekoppeld aan onderwerpen zoals seks en erotiek, tijdens het Gentse Filmfestival vertoond werd. De sprekende titel "The Tyranny of the Frame" was het thema van een grote tentoonstelling met een zeventigtal schilderijen, tekeningen en collages waarin hij focust op het thema van het beeldkader. Schilderen en tekenen blijven voor Greenaway de wezenlijkste visuele uitdrukkingsmiddelen want hij ervaart het frustrerend dat een film geen substantie bevat zoals een schilderij of een sculptuur.
Wanneer Greenaway zijn artistieke loopbaan begint heeft hij vooral ambitie om landschapschilder te worden. Dit streven is gegroeid uit een diepgaande fascinatie enerzijds voor de lange traditie die de Engelse schilderkunst heeft op het vlak van het landschap en anderzijds voor zijn vader die amateur ornitoloog was. Dit verklaart de continue interesse van Greenaway voor de natuur en de wetenschappen. Tijdens zijn plastische opleiding gaat zijn aandacht naar de toen actuele stroming, de 'Land Art', die een nieuwe manier ontwikkelt om het landschap te benaderen. Hij hecht zeer veel belang aan de inhoud van zijn plastisch werk dat een onverbrekelijke band heeft met zijn films. In zijn schilderijen tekeningen en collages gebruikt hij materiaal dat ernaar verwijst en soms integreert hij zelfs stukken scenario in zijn plastisch werk. Dit is echter opvallend sober vergeleken met de visuele rijkdom van de kostuums en de decors in zijn films.
Dat hij in zijn films een voorliefde heeft voor het naakt heeft eveneens te maken met het feit dat hij zijn carrière als schilder is begonnen. Bovendien bevatten zijn films niet alleen verwijzingen naar de schilderkunst maar ook naar andere kunstdisciplines als literatuur, muziek en architectuur. Toch blijft hij in eerste instantie gefascineerd door de enorme thematische en vormelijke rijkdom van de plastische kunsten. Zo is 'The Draughtman's Contract' bijvoorbeeld gebaseerd op een typische gezegde uit de schoolse artistieke opleiding namelijk 'teken wat je ziet, niet wat je weet'. De tekeningen en schilderijen vervullen verschillende functies voor Greenaway. De reeksen 'A Walk Through H' en 'The Draughtman's Contract' gingen vooraf aan de constructie van de film. Soms getuigen ze van een afgelegde weg om tot een film te komen en van verworpen oplossingen tijdens de ontwikkeling van een project. Het is ook mogelijk dat ze een reflectie zijn achteraf zoals de reeks die ontstaan is na 'Drowning by Numbers'. Hij maakt ook kunstwerken die een antwoord formuleren op een commentaar of kritiek op een film. Soms zijn de tekeningen het enige wat overblijft van een project dat hij uiteindelijk niet uitgevoerd heeft.
Sedert het begin van de negentiger jaren laat hij zich ook opmerken als tentoonstellingsbouwer van grootschalige projecten. Zo realiseerde hij onder meer "The Physical Self" in Rotterdam, "Watching Water" in Venetië, "Stairs" in Genève en München en "Flying over water" in Barcelona. Hierbij maakt hij gebruik van de mogelijkheid om een associatie uit te werken tussen film en tentoonstelling. Elke tentoonstelling getuigt van zijn belangstelling voor film maar bevat ook resultaten en effecten die hij met het medium film niet kan uitwerken. Tijdens zijn activiteiten als regisseur, schilder en tentoonstellingsbouwer houdt Peter Greenaway zich voornamelijk bezig met fundamentele vragen over het wezen van de kunst. Zijn oeuvre is als het ware een les in 'het zien'. Door dingen opnieuw voor te stellen op een nieuwe en ongewone manier leidt hij het oog van de toeschouwer en scherpt hij de perceptie aan. Hij verleidt de waarnemer op zo'n manier dat deze zich enkel nog kan richten naar de essentie en geconfronteerd wordt met de rijkdom van het denken en het bestaan.
